Fake smile, je masker, deel 2, Brigitte Kaandorp
Niet helemaal, dat is de oude ik die dan tevoorschijn komt.
Niet dat mijn familie buiten ons gezin mij zo kent. Daar heb ik me altijd in de rol gedragen als het verlegen meisje.
Ik ben ook verlegen.
Maar ook een brulaap.
In ons gezin. En mijn vrienden, mijn buitenleven dus.
Het liefst had ik ook cabaretiere (hoe schrijf je dat) willen worden.
Op het toneel, vol met mensen.
En ze vermaken, net als Brigitte Kaandorp.
Wat kan ik lachen om dat mens.
Maar.....
Ben ik weg. Ga ik naar huis.
Dan komen de tranen alweer.
En daarom ben ik ook altijd zo moe.
Vrolijk doen terwijl je verdrietig bent of wat dan ook, kost heel veel moeite.
Daar had ik het gisteren met de psychiater nog over.
Hij vond het moedig van mij en sterk dat ik dat dan nog wel kon.
Echter,.............. ik ken vrijwel alleen maar mensen uit de psychiatrie als patient, die hun lach opzetten.
Hun masker.
Die anderen niet.
De patienten die dat niet kunnen ga ik niet mee om. Die trekken mij de grond in.
Vandaar dat ik een spel speel.
Maar het is niet altijd een spel zoals hierboven geschreven.
Soms is het echt.
Maar daarna, zak je weg.
In dat gat.
Weer opnieuw.
En zo maar weer en weer.
Ik merk weleens dat psychiatrische patienten de grote humor hebben.
De grootste zelfspot.
De foute humor.
Mijn hoofdverpleegkundige van mijn laatste psychiatrische opname zei wel vaak, 'Ik heb op de afdeling depressie gewerkt, en daar hadden we de meeste lol'.
Nou moet je dat niet letterlijk nemen. Want ze waren daar al blij als je eens uit je bed kwam.
De les die ik je wil leren is, dat je aan de buitenkant niet kan zien wat er aan de binnenkant speelt.
Als je naar me kijkt,
zie je een lieve meid.
Als je naar mijn gezicht kijkt,
zie je iemand die 'lacht'
Kijk je écht naar me,
zie je ..........niets.
en,
Kijk je door me heen,
zie je de schaduwen in mijn lijf.
Alisha.





